dinsdag 29 mei 2007

Where in the world were Rebecca and Andreas?

Dankzij Google Maps kunnen we aangeven waar we overal geweest zijn. Vooral in Noord-America kan dat zeer accuraat op adres. Vanaf Mexico is het allemaal wat minder exact. Kijk in ieder geval even hier op Panamerican0607 voor het totale overzicht.

Peru en haar toeristen

Huacachina; slapen midden in een oase!

Al bijna een maand zijn we in Peru. De grootte van het land (zo´n 5x Frankrijk) en een enorme verscheidenheid aan pre-colombiaanse culturen hebben onze tijd in dit land verlengd. Dus hebben we onze terugkomst datum maar verschoven.

Daar staan we dan op de brug onder in de canyon (de voorste twee)

Ondertussen zitten we in Cusco, de toeristische hoofdstad van heel Zuid Amerika, voornamelijk vanwege de nabijheid van Machu Picchu. Voor mij maakt dit Cusco, ondanks zijn schitterende koloniale gebouwen, de vervelendste stad waar we tot nu toe geweest zijn. Je kan letterlijk geen stap zetten zonder te worden aangesproken met ´my friend´ of ´mi amiga´. Aangezien onze camera (met een week aan verloren foto´s) en de verrekijker net voor aankomst in Cusco gestolen waren, waren we niet meer in staat vriendelijk ´nee dank je´ tegen de hordes mensen te zeggen. De inflatie in de gevraagde prijzen is enorm: zo kan je in de Cordillera Blanca (meer ten noorden) 4 dagen wandelen met gids, eten en slaapgelegenheid voor 100 dollar pp maar is hier eenzelfde tocht minimaal 300 tot 400 dollar. De prijsinflatie is ook doorgedrongen tot de cameraverkopers: er wordt veel gejat en voornamelijk camera´s en die stomme toeristen willen toch een nieuwe camera voordat ze naar Machu Picchu gaan. De prijzen zijn dus ongeveer 2 keer zo hoog als in Nederland. Het lijkt net of we nu voor de tweede keer bestolen worden.

De canyon van boven

Tot zover de negatieve verhalen over Peru. Het noorden van het land (zo´n beetje alles boven Lima) was supergaaf en de mensen uitermate vriendelijk. Zo hebben we met een groepje jongeren (rond de 18) over de geschiedenis van Peru zitten kletsen en ondertussen thuisgestookte bocht gedronken. We dronken om en om uit de fles waarbij de vrouwen niet zelf mogen inschenken maar mannen juist wel zelf moeten inschenken. Na wat flessen drank ging het niet meer over serieuze zaken zoals hun geschiedenis maar over de spaanse woorden die we in Peru niet zouden moeten gebruiken :-). In Lima zijn we op bezoek geweest bij een Peruaanse familie die we in Panama hadden leren kennen. Zij behoren tot de rijkste procent van de bevolking van het land en hun chauffeur heeft ons dan ook opgehaald in ons hostel. We logeerden in een onooglijk gebouwtje. Vanuit ons kamerraam zagen we de chauffeur zijn auto uitstappen en een beetje verbaasd rondkijken: hij zag geen huis wat ook maar een beetje op een hotel kon lijken. Een erg grappig gezicht. In hun huis hingen orginele Botero´s en een beeldje uit een van de oudste culturen van het land (Chavin). Na een paar uurtjes moesten wij mijn vader ophalen van het vliegveld en dat hebben we dan ook in stijl kunnen doen m.b.v. hun tweede chauffeur.

Overnachten op 4200m

Naast de vele archeologische sites die we hebben bezocht zijn we ook weer eens echt gaan wandelen. Zelf eten en een kaart gekocht en begonnen aan een 4 daagse tocht met als letterlijk hoogtepunt een pas van 4750 meter. We waren vergeten dat je eigenlijk alleen lekker eten moet meenemen en toen de mensen in een georganiseerde wandeling ´s ochtends verse eieren met spek kregen besloten we maar niet meer op officiele kampeerplekken te gaan staan :-). Verder bleek 14 kilo op je rug op zeeniveau een heel ander verhaal dan op 4000 meter. Dat zijn van die dingen die je eigenlijk wel weet maar eerst toch eens moet ervaren. Maar goed, de wandeling was super: witte bergpieken strakblauwe lucht (tussen de buitjes door) en felgroen altiplano. Al cocobladeren kauwend zijn we de pas overgestoken en mogen, volgens Arjen, nu rode veters in onze bergschoenen doen!
Een condor

90% van de toeristen die naar Peru komen ´doen´ het zuidelijke rondje via Ica, Nasca, Arequipa, Colca Canyon, Cusco, Machu Picchu en uiteindelijk Puna. Wij volgen hetzelfde rondje en zitten dus voor het eerst echt tussen voornamelijk toeristen. De sites zijn absoluut de moeite waard. Nadat mijn vader was vertrokken, hebben we met een 6-persoons vliegtuigje boven de Nascalijnen gevolgen. Veel mensen worden ziek in het vliegtuigje, zo ook het meisje achter ons dat meer heeft genoten van het plastic zakje dan van de enorme figuren in het zand. Ik voelde me prima en heb doorlopend foto´s lopen maken die nu helaas kwijt zijn. Gelukkig zijn we een Nederlands stel tegengekomen die volgende week een cd-tje van hun foto´s naar ons opsturen.

De aap; voor mij het mooiste figuur

De kolibri

Met een luxe tour, samen met 5 amerikanen die zuidperu in 10 dagen deden, zijn we afgedaald in de beroemde Colca Canyon, tot voor kort de diepste canyon ter wereld. Gelukkig wat het niet te zwaar wat we begonnen al meer dan halverwege diep :-). De amerikanen waren enorm competatief, dus hoorden we gelijk dat we in 2,5 uur waren afgedaald en belangrijker nog, in 2 uur en 10 minuten naar boven waren gelopen. Een van de gaafste onderdelen van de tour was het aanschouwen van de condors die over de termiek van de canyon langs kwamen vliegen. Daarnaast hebben we voor het eerst in maanden in een warm bad in ons hotel gezeten!

Rare rotsformaties onderweg naar de canyon

zondag 20 mei 2007

Eric in luilekkerland


Rebecca´s vader kwam ons in Peru bezoeken. Aangezien hij van lekker eten en mooi drinken houdt, hadden wij onszelf een week van 5-sterrenrestaurants en dito wijnen voorgesteld. De eerste twee avonden is dat nog redelijk gelukt, daarna liep alles snel achteruit. Het beste en duurste restaurant van Peru bleek gewoon op zondagavond dicht te zijn en eenmaal buiten Lima is Peru weer heet, stoffig en arm. Ik heb maar wat indrukken van Eric zelf gepakt:


  • Met de Engelsen hebben de Peruanen gemeen dat er weing geld aan kleding wordt uitgegeven.

  • Ongeloofelijke tering bende, maar je kunt er wel voor letterlijk een paat stuivers eten.

  • Toiletten zijn niet zichtbaar, je mobiele telefoon doet het wel.
Het interessante is dat hem allerlei details opvallen die Rebecca en mij al volledig ontgaan zijn. Het formulier-fetisjisme (dat alle Latijns Amerikanen gemeen hebben) valt hem op, het relatieve nut van een levensverzekering als je een taxi instapt, etc:


  • Rond het dorpsplein het je grote gebouwen met daarvoor open ruimtes. Hier zitten wat oudere heren met draagbare Remington koffer typmachines. Je vertelt ze wat je wilt en zij maken er een mooie brief van. En inderdaad het carbonnetje zorgt ervoor dat jij een kopietje hebt.

Hoewel ons pad van Lima naar Pisco, Paracas en Ica niet erg ambitieus was qua afstand hebben we wel een aantal dingen gezien die we anders zeker voorbijgelopen waren: bij een nieuwbouwwijk loopt hij het makelaarskantoor binnen en vraagt of hij de modelwoning mag zien. Rebecca en ik vertalen ons een eind af, maar kennen toch echt de Spaanse termen voor zachtboard, spouwmuur, spuitbeton, verstek en golfplaatdak niet. Daarnaast hebben we ons alcoholgebruik van de afgelopen 10 maanden bijna geëvenaard - ook een mooie prestatie.


Eric pakt de Royal Class bus terug naar Lima, wij gaan door naar Nazca. Ondertussen hebben we - om ons niet al te hoeven haasten - ons vliegticket met een maand verlengd.

zaterdag 19 mei 2007

Lang geleden

is het dat we een update hebben geschreven. Mijn vader zou op bezoek komen en voor die tijd wilden we noord-peru ook (redelijk) goed bekijken. veel gereisd, met veel nachtbussen en weinig tijd om lang achter de pc te gaan zitten. Na een erg gezellig weekje met mijn vader, zijn we nu met z´n tweetjes en zullen een dezer dagen wat van onze bevindingen en belevenissen op het digitale papier zetten. Tot die tijd twee link: meer foto´s van de galapagos en een duikfilmpje van Andreas uit Mexico (Tulum).

groetjes
rebecca

woensdag 2 mei 2007

Een echte Panama-hoed komt uit...

Ecuador! Logisch toch? Hij heet hier natuurlijk niet Panama-hoed, maar is vernoemd naar het riet waarvan hij is gemaakt: de Toquilla. Wij hebben het wordingsproces mogen bekijken in een winkel annex fabriek. In feite worden alle hoeden van hoedenvlechtsters uit het laagland ingekocht. Ze zien er dan uit als een grote, ronde, vormloze zomerhoed. Op verzoek van de klant worden de randen ingekort en wordt de hoed in een soort pers gestopt, die het uiteindelijke model binnen 20 minuten erin perst. Uiteindelijk worden de randen gestikt en versieringen toegevoegd. De legende zegt dat een Toquilla-hoed door een ring gehaald kan worden zonder dat de hoed kapot gaat. Uiteraard kan dat alleen met hoeden van de fijnste kwaliteit; ik was niet bereid 300 dollar neer te tellen voor dat genot.

Na het hoogland van Quito - met de kabelbaan van 2800 naar 4100 meter met fantastisch hooglandschap - hebben we ons hoogteregime volledig verknald door de Galapagos eilanden te bezoeken. Niet erg, maar hierom hebben we besloten niet de beroemde Cotopaxi (5900m) te beklimmen en door naar het zuiden te trekken. Bij het charmante stadje Cuenca bleek ook een natuurpark op hoogte te liggen, dat we dan maar in plaats van de Cotopaxi hebben bezocht. We besloten een dagtocht te wandelen van 4000 meter terug naar 3200. Volgens de parkwachter een mooie en makkelijke wandeling van 7 uur. Mooi was hij wel, maar het gemak was wat verder te zoeken. Uiteindelijk lazen we in een reisgids dat we een pittige twee-daagse tocht hadden gelopen. Toch netjes voor watjes die net een week in volledige luxe op zeeniveau hadden doorgebracht...


Wederom moesten we constateren dat we veel te weinig tijd voor een land hadden. Via een rustiek bergdorpje met paardrijmogelijkheden (spierpijn!) zijn we dus maar naar Peru overgestoken, in de hoop dat we hier nog een paar mooie bergwandelingen kunnen maken; en natuurlijk met Machu Pichu in het vooruitzicht.